Aangifte-Expert.nl, onderdeel van Berkman & van der Steeg
Aangifte-Expert.nl, onderdeel van administratiekantoor Berkman & van der Steeg
HomeParticulierenBedrijvenWerkwijzeTarievenTipsDownloadsContactLinks
 

Belastingaangifte 2008 - Als u bedragen betaalde voor inkomensvoorzieningen die in 2008 voor aftrek in aanmerking komen

Wordt deze aanvullende toelichting gebruikt voor het invullen van een F-biljet? Dan wordt met ‘u’, ‘uw’ of ‘uzelf’ de overleden belastingplichtige bedoeld.

Als u bedragen hebt betaald voor inkomensvoorzieningen, heeft dit gevolgen voor uw belasting. In de toelichting bij uw aangifte inkomstenbelasting staat algemene informatie hierover. In deze aanvullende toelichting leest u meer over een aantal bijzondere situaties.

Wanneer moeten de premies zijn betaald of stortingen zijn gedaan
Lijfrentepremies kunt u in 2008 aftrekken als u deze in 2008 hebt betaald. De premies die u hebt teruggewenteld naar 2007 kunt u echter niet nog een keer in aftrek brengen. De stortingen op een lijfrentespaarrekening of lijfrentebeleggingsrecht kunt u in 2008 aftrekken als u deze in 2008 hebt gedaan. De premies of stortingen die u na 31 december 2008 maar vóór 1 april 2009 betaalt, mag u ook al in 2008 aftrekken (terugwentelen). Als u uw stakingswinst of uw oudedagsreserve omzet in een lijfrente, lijfrentespaarrekening of lijfrentebeleggingsrecht, moet u de premie of storting vóór 1 juli 2009 betalen om die in 2008 te mogen aftrekken. De premies of stortingen van 2009 die u in 2008 aftrekt, mag u niet nogmaals in 2009 aftrekken.

Let op!
Draagt u uw onderneming over aan uw opvolger? Dan kunt u bij uw opvolger geen lijfrentespaarrekening of lijfrentebeleggingsrecht afsluiten. U mag wel een lijfrenteverzekering afsluiten bij uw opvolger.

Meer verzekeringen op één polis
Het kan zijn dat u op één polis naast de lijfrenteverzekering nog een andere verzekering hebt afgesloten. Bijvoorbeeld een particulierearbeidsongeschiktheidsverzekering of een kapitaalverzekering. Informeer in dat geval bij uw verzekeraar welk deel van de premie voor de lijfrente is. Alleen dat premiedeel kunt u aftrekken als lijfrentepremie. Het premiedeel voor een particuliere arbeidsongeschiktheidsverzekering is aftrekbaar bij de vraag Premies voor periodieke uitkeringen bij invaliditeit, ziekte of ongeval. Het premiedeel voor de kapitaalverzekering is nooit aftrekbaar.

Stortingen op een lijfrentespaarrekening of lijfrentebeleggingsrecht als aanvulling op pensioen
Bij een lijfrentespaarrekening of lijfrentebeleggingsrecht mag er maar één rekeninghouder zijn. Het kan dus geen gezamelijke rekening zijn. U kunt uitsluitend de stortingen aftrekken die u zelf als rekeninghouder hebt gedaan. De bedragen die u hebt gestort op een lijfrentespaarrekening of lijfrentebeleggingsrecht kunt u uitsluitend aftrekken als u een tekort aan pensioenopbouw hebt. Aftrekbaar zijn de stortingen voor een lijfrentespaarrekening of lijfrentebeleggingsrecht voor de opbouw van een tegoed dat u in de toekomst zal gaan gebruiken voor het sluiten van een oudedagslijfrente, een nabestaandenlijfrente of een tijdelijke oudedagslijfrente bij een verzekeringsmaatschappij. Ook kunt u het opgebouwde tegoed in de toekomst gebruiken voor de aankoop van een recht op een uitkering in termijnen bij een bank, een verzekeringsinstelling of andere financiële instelling. Deze uitkering in termijnen moet aan de volgende voorwaarden voldoen:
– Iedere termijn van deze uitkering moet even groot zijn.
– De periode tussen iedere termijn van uitkering is even lang.
– Er mag niet meer dan een jaar zitten tussen twee uit te keren termijnen.

Voorbeeld
U hebt een bedrag van € 120.000 gespaard op een lijfrentespaarrekening. U koopt hiermee bij een bank een recht op een uitkering in termijnen. De looptijd van de uitkering in termijnen is 10 jaar. Elk kwartaal wordt een termijn uitbetaald. Iedere termijn is € 3.000. Als u een recht op een uitkering in termijnen koopt, zijn de volgende voorwaarden van belang:

a U bent bij het ingaan van de uitkering in termijnen in leven:
– De termijnen van de uitkering worden aan uzelf uitgekeerd.
– De eerste termijn van deze uitkering mag niet later uitgekeerd worden dan het kalenderjaar waarin u 70 jaar wordt.
– Gaat de uitkering in in het kalenderjaar waarin u 65 jaar wordt of daarna? Als de termijnen van de uitkering niet meer bedragen dan € 19.761 per kalenderjaar, moet de looptijd van de uitkering minstens 5 jaar zijn. Zijn de termijnen hoger dan € 19.761 per kalenderjaar, dan moet de looptijd minstens 20 jaar zijn.
– Als de uitkering ingaat vóór het kalenderjaar waarin u 65 jaar wordt, dan moet de uitkering lopen tot en met het kalenderjaar waarin u 85 jaar wordt.
– Als de uitkering ingaat binnen zes maanden na het overlijden van uw (ex) partner moet de periode tussen de eerste en de laatste termijn minstens 5 jaar zijn.

b U bent overleden voordat de uitkering in termijnen is ingegaan:
– Als u overlijdt voordat de uitkering in termijnen is ingegaan, komt het recht op deze uitkering toe aan uw erfgenamen. Er gelden dan aanvullende regels met betrekking tot de ingangsdatum en de looptijd van de uitkering in termijnen:
– De uitkering in termijnen moet direct ingaan.
– Bij bloed- en aanverwanten in de rechte lijn of de 2de of 3de graad zijlijn, die ouder zijn dan 30 jaar, moet de looptijd minstens 20 jaar zijn.
– Bij bloed- en aanverwanten in de rechte lijn of de 2de of 3de graad zijlijn, die jonger zijn dan 30 jaar, is de looptijd afhankelijk van de leeftijd, maar minstens 5 jaar.
– Bij andere erfgenamen is de looptijd minstens 5 jaar.

c Degene die de termijnen uit de uitkering in termijnen ontvangt, overlijdt. Als de uitkering in termijnen is ingegaan, dan gaat het recht op de resterende termijnen na overlijden van de genieter van de termijnen over op diens erfgenamen.

Jaarruimte
De jaarruimte 2008 is onderdeel van het maximale bedrag dat in 2008 aftrekbaar is als lijfrentepremie. Als u over 2007 een tekort in uw pensioenopbouw hebt, kunt u onder bepaalde voorwaarden in 2008 betaalde lijfrentepremies of stortingen op een lijfrentespaarrekening of lijfrentebeleggingsrecht aftrekken als uitgaven voor inkomensvoorzieningen. U kunt volgens de fiscale regels een tekort in uw pensioenopbouw hebben, terwijl u in loondienst normaal pensioen opbouwt.

Reserveringsruimte
De reserveringsruimte is het totaal van de jaarruimten 2001 tot en met 2007 die door u niet zijn gebruikt. Had u in de periode 2001 tot en met 2007 in een of meer jaren jaarruimte waarvoor u geen lijfrentepremies hebt betaald en afgetrokken? Dan kunt u alsnog in 2008 tot een bepaald bedrag aan betaalde lijfrentepremies of stortingen op een lijfrentespaarrekening of lijfrentebeleggingsrecht aftrekken. Het aftrekbedrag voor lijfrentepremies of stortingen op een lijfrentespaarrekening/ lijfrentebeleggingsrecht kunt u berekenen met het Rekenprogramma Lijfrentepremie 2008. U kunt dit programma vinden op www.belastingdienst.nl. Met het Aangifteprogramma 2008 kunt u ook het aftrekbedrag te berekenen. Of gebruik de Rekenhulp jaarruimte lijfrenteaftrek 2008 om de jaarruimte te bepalen, of de Rekenhulpen niet-benutte jaarruimte voor de jaren 2001 tot en met 2007 om te berekenen of er niet-benutte jaarruimte is. Deze rekenhulpen vindt u aan het einde van deze toelichting.

Omzetting stakingswinst in lijfrente
Hebt u uw onderneming in 2008 (gedeeltelijk) gestaakt? En hebt u vóór 1 juli 2009 de stakingswinst omgezet in een lijfrente die aan de fiscale voorwaarden voldoet? Dan kunt u de daarvoor betaalde premie in 2008 aftrekken. U kunt ook uw stakingswinst omzetten in een lijfrentespaarrekening of een lijfrentebeleggingsrecht. Ook het bedrag dat u hierop stort, mag u in aftrek brengen. U moet dan wel aan de volgende voorwaarden voldoen:
– U moet de premie hebben betaald of de storting hebben gedaan in 2008 of vóór 1 juli 2009.
– De hoogte van het aftrekbedrag hangt af van de situatie op het moment van de staking. Zie Aftrekbedrag.

Let op!
Draagt u uw onderneming over aan uw opvolger? Dan kunt u bij uw opvolger geen lijfrentespaarrekening of lijfrentebeleggingsrecht afsluiten. U mag wel een lijfrenteverzekering afsluiten bij uw opvolger.

Aftrekbedrag
Het aftrekbedrag is het bedrag van de stakingswinst dat u hebt gebruikt voor de aankoop van een lijfrente, lijfrentespaarrekening of lijfrentebeleggingsrecht, maar maximaal:
– € 417.874 als u bij het staken van de onderneming 60 jaar of ouder bent. Dit maximum geldt ook als u dan minimaal 45% arbeidsongeschikt bent en de uitkeringen van de lijfrentelijfrentespaarrekening of het lijfrentebeleggingsrecht ingaan binnen zes maanden na het staken van de onderneming
– € 208.942 als u bij het staken van de onderneming 50 jaar of ouder bent. Dit maximum geldt ook als de uitkeringen van de lijfrente, lijfrentespaarrekening of het lijfrentebeleggingsrecht direct na het sluiten van de overeenkomst ingaan
– € 104.476 in de overige gevallen.

Van het hiervoor genoemde (maximum)bedrag moet u het volgende
aftrekken:
– de waarde van bedrijfs- en beroepspensioenaanspraken die tenlaste van de winst zijn opgebouwd
– rechten op bedrijfsbeëindigingsvergoedingen en dergelijke
– de stand van de oudedagsreserve aan het begin van het kalenderjaar
– de lijfrentepremies die u in 2001 en volgende jaren hebt afgetrokken, met uitzondering van de basisaftrek lijfrentepremie (tot en met 2002)
– de bedragen die al eerder zijn afgetrokken wegens het omzetten van stakingswinst in een lijfrente

Als het bedrag dat overblijft negatief is, mag u geen bedrag aftrekken. Hebt u uw onderneming in 2008 (gedeeltelijk) gestaakt? Dan mag u in de Rekenhulp jaarruimte lijfrentepremieaftrek 2008 ervoor kiezen om uit te gaan van de inkomens- en pensioengegevens van 2008 in plaats van de gegevens van 2007. Bij de berekening van uw jaarruimte lijfrentepremieaftrek 2009 moet u dan de stakingswinst 2008 in mindering brengen op het bedrag van de winst uit onderneming 2008
.
Aftrek lijfrentepremies en stortingen op lijfrentespaarrekeningen bij gebruik jaarruimte
Betaalde lijfrentepremies of stortingen voor lijfrentespaarrekeningen en lijfrentebeleggingsrechten die binnen het bedrag van uw jaarruimte blijven, kunt u in 2008 onder bepaalde voorwaarden aftrekken. Met de Rekenhulp jaarruimte lijfrenteaftrek 2008 kunt u uw jaarruimte berekenen.

Let op!
Stuur uw berekening niet mee met uw aangifte. Bewaar deze berekening wel, want wij kunnen er om vragen. Wij kunnen u ook vragen om uw verzekeringspolis, de voorwaarden van uw lijfrentespaarrekening of lijfrentebeleggingsrecht en uw betalingsbewijzen. U mag de betaalde premies of de gestorte bedragen naar eigen keus toerekenen aan uw jaarruimte en/of uw reserveringsruimte. Gebruik eerst uw reserveringsruimte over het oudste jaar en daarna de jaarruimte. U voorkomt dan dat eventueel nog niet-benutte jaarruimte over jaren vóór 2008 verloren gaat.

Rekenhulp niet-benutte jaarruimte 2003
Voor de berekening van de niet-benutte jaarruimte 2003 mag u kiezen of u uitgaat van de inkomensgegevens over het kalenderjaar 2002 of 2003. Gaat u uit van de inkomensgegevens over 2002? Dan moet u in de rekenhulp voor de niet-benutte jaarruimte over 2003 de bedragen invullen zoals die in uw aangiftebiljet over 2002 staan. Voor de toename of de afname van de oudedagsreserve en de pensioenpremies in een werknemersverzekering die u vrijwillig betaalde, gaat u dan ook uit van de gegevens over 2002. De AOW-franchise (€ 10.571) en het maximumbedrag van de premiegrondslag (€ 141.815) veranderen niet. Gaat u uit van de inkomensgegevens over 2003? Dan moet u alle bedragen invullen zoals die in uw aangiftebiljet over 2003 staan. Voor de toename of de afname van de oudedagsreserve en de pensioenpremies in een werknemersverzekering die u vrijwillig betaalde, gaat u dan ook uit van de gegevens over 2003.

Let op!
Voor de pensioenaangroei moet u altijd uitgaan van 2002.

Rekenhulp reserveringsruimte

Let op!
Er is een maximumbedrag dat u in 2008 binnen de reserveringsruimte
mag aftrekken:
– Als u op 31 december 2007 jonger was dan 55 jaar mag u maximaal 17% van de premiegrondslag in 2008 aftrekken (het bedrag E uit de Rekenhulp jaarruimte lijfrenteaftrek 2008). Het aftrekbedrag mag niet meer zijn dan € 6.590.
– Als u op 31 december 2007 55 jaar of ouder was mag u maximaal 17% van de premiegrondslag in 2008 aftrekken (het bedrag E uit de Rekenhulp jaarruimte lijfrenteaftrek 2008). Het aftrekbedrag mag dan niet meer zijn dan € 13.016.

Berekening reserveringsruimte
Met de Rekenhulp niet-benutte jaarruimte kunt u voor de jaren 2001 tot en met 2007 berekenen of er niet-benutte jaarruimte is. Is van een jaar de niet-benutte jaarruimte groter dan 0? Vermeld dan dit bedrag in de Rekenhulp reserveringsruimte. Als u de bedragen optelt, vindt u de opgebouwde reserveringsruimte van de afgelopen zeven jaar.

Let op!
Stuur uw berekening niet mee met uw aangifte. Bewaar deze berekening wel, want wij kunnen er om vragen. Wij kunnen u ook vragen om uw verzekeringspolis, de voorwaarden van uw lijfrentespaarrekening of lijfrentebeleggingsrecht en uw betalingsbewijzen. U mag de betaalde premies of de gestorte bedragen naar eigen keus toerekenen aan uw jaarruimte en/of uw reserveringsruimte. Gebruik eerst uw reserveringsruimte over het oudste jaar en daarna de jaarruimte. U voorkomt dan dat eventueel nog niet-benutte jaarruimte over de jaren vóór 2008 verloren gaat.

Let op!
1. De niet-benutte jaarruimte over 2001 kunt u uiterlijk in 2008 benutten.
2. Als u na het betreffende jaar vrijwillig pensioen hebt ingekocht, kunt u voor de pensioenaangroei niet uitgaan van de oorspronkelijke pensioenopgave van uw pensioenverzekeraar. Informeer dan bij uw pensioenverzekeraar naar de hoogte van uw pensioenaangroei over het betreffende jaar

Voor rekenhulpen en tabellen zie de website van de Belastingdienst.

Bron: www.belastingdienst.nl

 
Toelichtingen

Toelichtingen

Aangifte-Expert.nl

onderdeel van
Berkman & van der Steeg


Postbus 147
3700 AC Zeist

Constantijn Huygenslaan 12b
3705 SR Zeist

Tel. 030-2254550
Fax. 030-2890592
E-mail info@berksteeg.nl
 

 

Copyright 2006-2009 - Aangifte-Expert.nl | Laatst bijgewerkt op 13 januari 2009| Sitemap | Privacy Statement | Disclaimer | Algemene voorwaarden