|
Als u inkomsten had in 2010 waarop geen loonheffing werd ingehouden en als die inkomsten ook geen winst uit onderneming zijn, had u inkomsten uit overig werk. Dit kan het geval zijn als u werkte als freelancer, gastouder, alfahulp, of bijverdiensten had. Of als u als artiest of beroepssporter niet in loondienst was.
Stelde u in 2010 vermogensbestanddelen, bijvoorbeeld een pand, ter beschikking aan bepaalde vennootschappen? Of stelde u vermogensbestanddelen ter beschikking aan met u verbonden personen of samenwerkingsverbanden die deze bestanddelen gebruikten voor het behalen van winst of inkomsten uit overig werk? Dan geeft u uw inkomsten hieruit aan bij 'Inkomsten uit ter beschikking gestelde vermogensbestanddelen'.
Inkomsten uit overig werk
Werkte u in 2010 als freelancer, gastouder of alfahulp? Of had u bijverdiensten? Of was u in 2010 als artiest of beroepssporter niet in loondienst? Dan is op uw inkomsten misschien geen loonheffing ingehouden. In deze gevallen hebt u toch geld verdiend doordat u hebt gewerkt. Sommige kosten die u maakte voor dit werk mag u aftrekken. Het verschil tussen de opbrengsten en de kosten zijn de inkomsten uit overig werk. Het gaat hier niet om loondienst of winst uit onderneming. Over de inkomsten uit overig werk moet u belasting betalen.
Zie ook:
Inkomsten berekenen
Welke inkomsten?
Inkomsten uit overig werk zijn bijvoorbeeld inkomsten die u kreeg:
•als alfahulp
•als freelancer
•als gastouder
•als artiest of beroepssporter
•als gastouder
•uit een persoonsgebonden budget omdat u voor een familielid zorgde
•als arbeidsbeloning uit de onderneming van uw fiscale partner
•door voor anderen te klussen (bijvoorbeeld schoonmaakwerk of schilderwerk)
•door cursussen of bijles te geven
•door artikelen en boeken te schrijven
•door lezingen te houden
•door een octrooi productief te maken of te verkopen
•door vermogensbeheer waarvoor u meer werkzaamheden uitvoerde dan normaal
•voor incidentele adviezen
•als lid van een gemeenteraad
•van kostgangers
•voor vrijwilligerswerk
•van buitenlandse opdrachtgevers
•als buitengewone beloning (lucratief belang)
Let op!
Als u in een woning woonde die u als zakelijk beschouwt, behoort ook het woningforfait bij de inkomsten uit overig werk (zie Zakelijke woning).
Wel loonheffing ingehouden
Hebt u met uw opdrachtgever afgesproken dat hij wel loonheffing inhoudt? Vermeld dan uw inkomen en loonheffing bij Inkomsten uit loondienst. Omdat u dan looninkomsten hebt, mag u geen kosten aftrekken.
Meer informatie
Meer informatie staat in 'Bijverdiensten of inkomsten als freelancer, alfahulp, artiest of beroepssporter'. U kunt deze toelichting downloaden.
Administratie
U bent niet verplicht een administratie bij te houden van de opbrengsten en kosten uit overig werk. Maar als wij u hierover om informatie vragen, bent u wel verplicht deze binnen een redelijke termijn en op een overzichtelijke wijze te geven. Het is daarom belangrijk dat u gegevens bewaart waarmee u kunt laten zien hoe u de bedragen hebt berekend. Dit zijn bijvoorbeeld (kassa)bonnen, facturen, kwitanties en rekeningoverzichten van uw bank. Of de berekening die u hebt gemaakt als u op een bedrijfsmiddel afschrijft.
Let op!
Als u ondernemer bent voor de omzetbelasting, moet u wel een administratie bijhouden.
Artiest of beroepssporter
Had u inkomsten als artiest of beroepssporter? Dan zijn er 3 mogelijkheden:
•u was in loondienst
Uw inkomsten en de ingehouden loonbelasting en premie volksverzekeringen (loonheffing) vult u in bij Loon en ziektewetuitkeringen.
•u was niet in loondienst
Uw inkomsten vult u in bij Bijverdiensten of inkomsten als freelancer, alfahulp, artiest of beroepssporter. Als u de artiesten- of beroepssportersregeling toepast, geeft u ook de ingehouden loonbelasting en premie volksverzekeringen (loonheffing) aan.
•u was ondernemer
Uw inkomsten geeft u aan als winst uit onderneming. U hebt hiervoor het aangifteprogramma voor ondernemers nodig.
Persoonsgebonden budget
Zorgde u voor een familielid? En kreeg u daarvoor een vergoeding vanuit een persoonsgebonden budget? Dan is het verschil tussen de opbrengsten en de kosten inkomsten uit overig werk.
Voorbeeld
U beheerde een persoonsgebonden budget voor uw zorgbehoevende kind. Voor de zorg die u verrichtte, kende u een deel van het persoonsgebonden budget aan uzelf toe. Dit bedrag is bij u belast. Het maakt niet uit dat u het werk binnen de familiesfeer hebt verricht.
Arbeidsbeloning uit de onderneming van uw fiscale partner
Was u niet bij uw fiscale partner in loondienst, maar kreeg u wel een beloning voor werk dat u voor uw fiscale partner deed? En was deze beloning € 5.000 of hoger? Dan is deze beloning geheel belast als inkomsten uit overig werk.
Vermogensbeheer waarvoor u meer werkzaamheden uitvoerde dan normaal
Uit de volgende situaties kunnen ook inkomsten uit overig werk voortkomen:
•het uitponden van een pand
U verbouwde bijvoorbeeld een pand, zodat er afzonderlijke appartementen zijn ontstaan die u verkocht of nog gaat verkopen.
•het voor ten minste 30% zelf uitvoeren van groot onderhoud of andere aanpassingen aan een verhuurd pand
•gebruiken van voorkennis of andere specifieke kennis om voordeel te behalen
•een lucratief belang
U hebt een lucratief belang als u een buitengewone beloning krijgt in de vorm van aandelen of opties, waarbij de beloning is bedoeld als opbrengst voor het werk.
Meer informatie
Voor meer informatie over vermogensbeheer waarvoor u meer werkzaamheden uitvoerde dan normaal, belt u de BelastingTelefoon.
Buitengewone beloningen ('lucratief belang')
Het kan zijn dat u, al dan niet naast uw loon, vooraf een buitengewone beloning voor uw werk bent overeengekomen in de vorm van bijvoorbeeld een extra rendement op aandelen of leningen. Een andere term voor buitengewone beloning is 'lucratief belang'. Het kan gaan om extra rendement op bepaalde aandelen, vorderingen, vermogensrechten of kwijtschelding van schulden. Hierbij geldt dat:
•Het objectief verwachte rendement van de vermogensbestanddelen hoger is dan normaal, in verhouding tot het geïnvesteerd vermogen of tot het feitelijk gelopen risico.
•Reguliere beleggers deze vermogensbestanddelen niet kunnen verkrijgen.
•Er een relatie bestaat tussen de waardeontwikkeling van deze vermogensbestanddelen en het werk.
Bij aandelen komt dit alleen voor bij niet-beursgenoteerde aandelen.
Hebt u deze buitengewone beloning niet aangegeven als inkomsten uit loondienst of als winst uit onderneming? Dan moet u deze buitengewone beloning aangeven als inkomsten uit overig werk.
Soorten beloningen
Bij buitengewone beloningen gaat het om de volgende soorten beloningen:
•Aandelen
Het gaat om aandelen in een vennootschap die verschillende soorten aandelen heeft. De aandelen moeten voldoen aan 1 van de volgende voorwaarden:
•Het zijn aandelen die in de winstdeling zijn achtergesteld. De geplaatste nominale waarde van deze aandelen is minder dan 10% van het totale geplaatste nominale aandelenkapitaal van de vennootschap.
•Het zijn aandelen met een preferentie van ten minste 15% dividend per jaar.
•Vorderingen
Het gaat om vorderingen waarvan het rendement voor ten minste 15% afhankelijk is van management- of aandeelhoudersdoelen op het moment dat u de vordering kreeg.
•Vermogensrechten
Het gaat om vermogensrechten die economisch vergelijkbaar zijn met de heirvoor genoemde aandelen en vorderingen (bijvoorbeeld winstbewijzen). Hieronder vallen ook overige rechten of verplichtingen waarvan het waardeverloop voor ten minste 15% afhankelijk is van management- of aandeelhoudersdoelen. Zie hierboven bij 'Vorderingen'.
•Schulden
Het gaat om schulden die u maakte maakte om bijvoorbeeld een vermogensbestanddeel te financieren. Deze schulden kunnen u worden kwijtgescholden. Bijvoorbeeld als een bepaald rendement niet wordt behaald.
•Buitengewone beloning of aanmerkelijk belang
Houdt een vennootschap waarin u een aanmerkelijk belang hebt deze vermogensbestanddelen? En deelde de vennootschap het rendement in een kalenderjaar voor ten minste 95% aan u uit? Dan mag u ervoor kiezen dit rendement aan te geven als winst uit aanmerkelijk belang.
Meer informatie
Voor meer informatie over buitengewone beloningen belt u de BelastingTelefoon.
Kostgangers
U had kostgangers als u een kamer verhuurde en als u deze kamer bijvoorbeeld ook schoonhield of de maaltijden voor de huurder verzorgde en u daarvoor een vergoeding kreeg. Had u kostgangers? Vermeld dan het totale bedrag dat u van de kostgangers ontving, inclusief de kale huur.
Als uw fiscale partner de kostgangers verzorgde, moet hij dit totale bedrag in zijn aangifte vermelden. U mag die inkomsten dan niet aangeven. De fiscale partner die de inkomsten aangeeft, mag de gemaakte kosten aftrekken.
U hoeft het bedrag van de huurinkomsten niet aan te geven als u voldoet aan de volgende voorwaarden:
•Het huurbedrag dat u in 2010 kreeg, was niet hoger dan € 4.262. Het gaat om de huur inclusief vergoedingen voor bijvoorbeeld energie en het gebruik van meubilair.
•Het gedeelte dat u verhuurde, was geen zelfstandige woning maar een onderdeel van uw woning.
•De huurder stond tijdens de hele huurperiode ingeschreven bij de gemeente op hetzelfde adres als u.
•De verhuur was niet van korte duur.
Let op!
Vergoedingen die u van uw kostgangers kreeg voor schoonmaken en maaltijden geeft u wel altijd aan. De kosten daarvan mag u aftrekken.
Ter beschikking stellen van vermogensbestanddelen
Stelde u in 2010 een vermogensbestanddeel, bijvoorbeeld een pand, ter beschikking aan een 'met u verbonden persoon'? En behaalde deze persoon hiermee winst uit onderneming of inkomsten uit overig werk? Dan moet u uw inkomsten uit de terbeschikkingstelling aangeven in box 1. De opbrengsten min de aftrekbare kosten zijn de inkomsten uit de ter beschikkingstelling.
Geen of onzakelijk lage opbrengsten uit het ter beschikking stellen
Had u geen of lage opbrengsten uit het ter beschikking stellen, en zijn de redenen hiervoor onzakelijk? Geef dan de opbrengsten aan die u zou kunnen krijgen bij zakelijk gebruik.
Wanneer moet u deze inkomsten aangeven?
Geef deze inkomsten alleen aan als u een vermogensbestanddeel ter beschikking hebt gesteld aan:
•uw fiscale partner of een andere 'met u verbonden persoon'
U geeft hierbij alleen de inkomsten aan als het vermogensbestanddeel werd gebruikt voor het behalen van winst of inkomsten uit overig werk.
•een samenwerkingsverband waarvan een persoon deel uitmaakte die 'met u verbonden' is
U geeft hierbij alleen de inkomsten aan als het vermogensbestanddeel werd gebruikt voor het behalen van winst of inkomsten uit overig werk.
•een vennootschap waarin uzelf, uw fiscale partner of een andere 'met u verbonden persoon' een aanmerkelijk belang had
Er is sprake van een aanmerkelijk belang als u (samen met uw fiscale partner) minimaal 5% van de aandelen, opties of winstbewijzen had.
Ter beschikking stellen aan uw echtgenoot
Het gaat niet om het ter beschikking stellen van uw vermogensbestanddelen door uw echtgenoot waarmee u in gemeenschap van goederen bent getrouwd. Was u in 2010 buiten gemeenschap van goederen getrouwd? Geef dan wel de inkomsten aan uit die vermogensbestanddelen die u ter beschikking stelde aan uw echtgenoot.
Meer informatie
Meer informatie staat in 'Bijverdiensten of inkomsten als freelancer, alfahulp, artiest of beroepssporter'. U kunt deze toelichting downloaden. U vindt hier meer informatie over de volgende onderwerpen:
•het ter beschikking stellen van een werkruimte in de (huur)woning
•om welke vermogensbestanddelen het gaat
•wat u moet doen bij beëindiging van het ter beschikking stellen van vermogensbestanddelen, bijvoorbeeld bij overlijden of emigratie
•doorschuiving, waarmee u in bepaalde situaties kunt voorkomen dat u belasting moet betalen bij beëindiging van het ter beschikking stellen van vermogensbestanddelen
•zogenoemde ongebruikelijke terbeschikkingstellingen
Wie zijn met u verbonden personen?
Een 'met u verbonden persoon' is:
•uw fiscale partner
•de persoon met wie u bij een notaris een samenlevingscontract hebt afgesloten
•de persoon die als uw partner is aangemeld voor een pensioenregeling
•de persoon met wie u in een eigen woning woont en die (mede-)aansprakelijk is voor een schuld met de woning als onderpand, zoals een hypotheekschuld
•de persoon (die niet uw ouder is of uw kind van 27 jaar of ouder) die voldoet aan de voorwaarden voor fiscaal partnerschap
Die persoon is geen 'met u verbonden persoon' als u aannemelijk maakt dat u niet samen duurzaam een gemeenschappelijke huishouding had.
•minderjarige kinderen van u of van de hierboven genoemde personen
Inkomsten minderjarig kind aangeven
Had uw minderjarig kind in 2010 inkomsten uit vermogensbestanddelen die hij ter beschikking stelde? Dan moet u deze inkomsten aangeven.
Uitgebreidere kring van personen mogelijk
Bij ongebruikelijke terbeschikkingstelling kunnen er ook andere met u verbonden personen zijn. Om vast te stellen of er sprake is van ongebruikelijke terbeschikkingstelling, bekijken we de contractuele verhouding.
Daarnaast beoordelen we of de overeenkomst maatschappelijk gebruikelijk is. Dat betekent dat we beoordelen of het vermogensbestanddeel beschikbaar wordt gesteld tegen zakelijke voorwaarden. Wij kunnen bijvoorbeeld bepalen dat het ongebruikelijk is om iemand een renteloze lening te geven. Dan is er een voordeel dat u moet aangeven.
Meer informatie
Meer informatie over 'verbonden personen' en ongebruikelijke terbeschikkingstelling staat in 'Bijverdiensten had of inkomsten als freelancer, alfahulp, artiest of beroepssporter'. U kunt deze toelichting downloaden.
Inkomsten berekenen
U berekent uw inkomsten uit het ter beschikking stellen van vermogensbestanddelen door uw kosten van uw opbrengsten af te trekken. Dit geldt ook voor uw inkomsten uit overig werk. Het is van belang te weten of het vermogensbestanddeel zakelijk of privé is. Lees ook hoe u de boekwaarde van uw vermogensbestanddelen berekent.
Opbrengsten
Geef uw opbrengsten aan van het ter beschikking stellen van bijvoorbeeld een pand, schuldvorderingen, levensverzekeringen, bepaalde koopopties en genotsrechten. Hebt u vermogensbestanddelen ter beschikking gesteld, maar ontving u daarvoor geen of een te lage vergoeding? Geef dan de opbrengsten aan die u bij zakelijk gebruik zou hebben ontvangen.
Kosten aftrekken
Hebt u kosten gemaakt voor de opbrengsten van het ter beschikking stellen? Dan mag u deze aftrekken. Voorbeelden van kosten zijn:
•rente van schulden
•kosten van geldleningen voor het aanschaffen van de vermogensbestanddelen
•afschrijvingen op onder meer onroerende zaken
Verder mag u gebruikmaken van de egalisatiereserve en de herinvesteringsreserve.
Vrijstelling toepassen voor inkomsten uit ter beschikking stellen
Als u in 2010 inkomsten uit het ter beschikking stellen had, krijgt u een vrijstelling van 12% van de opbrengsten min de aftrekbare kosten.
Administratie bijhouden
U moet een administratie bijhouden van het ter beschikking stellen. Ook moet u een balans- en een resultatenrekening opstellen. Stuur deze niet mee in uw aangifte.
Meer informatie
Voor meer informatie over het ter beschikking stellen van vermogensbestanddelen belt u de BelastingTelefoon.
Vermogensbestanddelen: zakelijk of privé?
Had u in 2010 inkomsten uit overig werk? Of stelde u vermogensbestanddelen ter beschikking? Dan vult u de waarde van de vermogensbestanddelen in.
Hebt u bijvoorbeeld eigen vermogensbestanddelen gebruikt bij uw werkzaamheden? Dan moet u vaak een afweging maken of u deze vermogensbestanddelen aanmerkt als zakelijk of als privé.
Uw vermogensbestanddeel zakelijk of privé
Bij het beoordelen of een vermogensbestanddeel zakelijk of privé kan of moet zijn, gelden de volgende uitgangspunten:
•U gebruikte het vermogensbestanddeel uitsluitend voor uw werkzaamheden. Dan moet u het hele vermogensbestanddeel als zakelijk aanmerken.
•U gebruikte het vermogensbestanddeel uitsluitend in privé. Dan moet u het hele vermogensbestanddeel als privé aanmerken.
•U gebruikte het vermogensbestanddeel zowel zakelijk als privé. Er zijn dan meer mogelijkheden die sterk afhankelijk zijn van de feitelijke situatie.
Meer informatie
Meer informatie over vermogensbestanddelen die u zowel zakelijk als privé gebruikt, staat in 'Bijverdiensten of inkomsten als freelancer, alfahulp, artiest of beroepssporter'. U kunt deze toelichting downloaden.
Boekwaarde en afschrijving berekenen
Van de zakelijke vermogensbestanddelen moet u de boekwaarde en afschrijving berekenen volgens de regels die ook gelden voor een ondernemer.
U moet de boekwaarde op 1 januari 2010 aangeven van deze bezittingen en schulden. Als u in 2010 uw activiteiten niet staakte, vermeld dan ook de boekwaarde op 31 december 2010. De boekwaarde (waarde economisch verkeer min de toegepaste afschrijvingen) van de vermogensbestanddelen per 1 januari 2010 is gelijk aan de boekwaarde per 31 december 2009.
Als u met de werkzaamheid op of na 1 januari 2010 bent gestart, is de hoofdregel dat u de vermogensbestanddelen op de startdatum opgeeft voor de waarde in het economische verkeer. Dit is meestal de verkoopwaarde. Hebt u het vermogensbestanddeel in 2010 tegen een normale zakelijke prijs gekocht? Dan gaat het om de aanschafwaarde. Op de einddatum (meestal 31 december 2010) neemt u de boekwaarde van het vermogensbestanddeel.
Meer informatie
Meer informatie staat in 'Bijverdiensten of inkomsten als freelancer, alfahulp, artiest of beroepssporter'. U kunt deze toelichting downloaden. Voor meer informatie over doorschuiven en (gedeeltelijk) stoppen, belt u de BelastingTelefoon.
Zakelijke kosten
Van uw opbrengsten mag u uw zakelijke kosten aftrekken. Hiervoor geldt het volgende:
•Zakelijke kosten mag u helemaal aftrekken.
Dit zijn kosten die binnen redelijke grenzen nodig zijn voor de uitoefening van uw werk, zoals vakliteratuur.
•Kosten die geen zakelijk karakter hebben, mag u niet aftrekken.
•Van kosten die een zakelijk én privékarakter hebben, mag u alleen het zakelijk deel aftrekken.
•Voor sommige kosten geldt een drempel, een normering of een aftrekbeperking.
•Eventuele vergoedingen die u voor zakelijke kosten hebt ontvangen, moet u bij uw opbrengsten tellen.
Meer informatie
Meer informatie staat in de aanvullende toelichting 'Bijverdiensten of inkomsten als freelancer, alfahulp, artiest of beroepssporter'. U kunt deze toelichting downloaden. U kunt ook de BelastingTelefoon bellen.
Zakelijke woning
Als u in 2010 in een woning woonde die u als zakelijk beschouwde, hoort ook het woningforfait bij de inkomsten uit overig werk. Het woningforfait is een percentage van de WOZ-waarde van uw woning (woningwaarde). WOZ staat voor Wet waardering onroerende zaken. De WOZ-waarde vindt u op de WOZ-beschikking die u van uw gemeente hebt gekregen.
U bepaalt het woningforfait van het woongedeelte als volgt:
•bepaal de WOZ-waarde van het woongedeelte
•zoek in de Tabel woningforfait het percentage op dat bij de waarde van het woongedeelte hoort
•vermenigvuldig de waarde van het woongedeelte met dit percentage
Tel de uitkomst bij uw inkomsten uit overig werk.
Let op!
U moet uitgaan van de WOZ-waarde met waardepeildatum 1 januari 2009. Deze WOZ-waarde staat op de WOZ-beschikking die u begin 2010 van uw gemeente hebt gekregen.
Gebruik voor het bepalen van het woningforfait de volgende tabel.
Tabel woningforfait
| Woningwaarde |
Forfait |
meer dan |
niet meer dan |
- |
€ 12.500 |
0,75% |
€ 12.500 |
€ 25.000 |
0,95% |
€ 25.000 |
€ 50.000 |
1,05% |
€ 50.000 |
€ 75.000 |
1,15% |
€ 75.000 |
€ 1.010.000 |
1,30% |
€ 1.010.000 |
- |
€ 13.130 + 1,45% van de woningwaarde boven de € 1.010 |
Kansspelbelasting
Was u in 2010 ondernemer of bijvoorbeeld freelancer? En gebruikte u geld uit uw bedrijf voor een kansspel? Dan behoort de eventuele prijs die u daarmee behaalde tot uw belastbare inkomsten. Is op het moment dat u de prijs kreeg Nederlandse kansspelbelasting ingehouden? Dan wordt deze kansspelbelasting verrekend met uw aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen.
De Nederlandse kansspelbelasting wordt alleen verrekend als die in 2010 is ingehouden op belastbare inkomsten in box 1, bijvoorbeeld als winst uit onderneming of als inkomsten als freelancer of andere bijverdiensten.
U mag de ingehouden kansspelbelasting niet verdelen tussen uzelf en uw fiscale partner.
Bron: www.belastingdienst.nl |