|
Uitgaven voor levensonderhoud kinderen jonger dan 30 jaar
Hebt u in 2008 een kind jonger dan 30 jaar dat niet in staat is om zelf in zijn levensonderhoud te voorzien en ontvangt u geen kinderbijslag? En heeft dat kind geen studiefinanciering of een tegemoetkoming in de studiekosten? Dan kunt u de uitgaven voor levensonderhoud onder bepaalde voorwaarden aftrekken. Bij levensonderhoud gaat het om bijdragen voor levensbehoeften, zoals kleding en voeding.
Voorwaarden voor aftrek
U kunt per kalenderkwartaal in aanmerking komen voor aftrek van uitgaven voor levensonderhoud van kinderen. U moet dan aan het begin van het kwartaal voldoen aan bepaalde voorwaarden. Als de situatie tijdens het kwartaal verandert, houdt u daar pas in het eerstvolgende kwartaal rekening mee. De voorwaarden voor aftrek zijn:
– Uw kind is aan het begin van het kwartaal jonger dan 30 jaar.
– Uw kind kan in dat kwartaal niet zelf in zijn levensonderhoud voorzien.
– In dat kwartaal heeft niemand in uw huishouden voor dit kind recht op kinderbijslag of een vergelijkbare
buitenlandse uitkering.
– De uitgaven voor het kind van u en uw fiscale partner samen zijn in dat kwartaal minimaal € 393. Het moet gaan om uitgaven waarvoor u geen recht hebt op een vergoeding.
– Uw kind heeft in dat kwartaal geen recht op studiefinanciering, een tegemoetkoming in de studiekosten of recht op een vergelijkbare (buitenlandse) regeling.
Let op!
Vanaf september 2007 is de studiefinanciering meeneembaar naar alle landen ter wereld. Voorwaarde is dat de opleiding in het buitenland door de IB-groep is aangewezen als een erkende opleiding. Meer informatie hierover vindt u op www.ib-groep.nl. Door deze wetswijziging is het mogelijk dat uw in het buitenland studerend kind vanaf 1 september 2007 recht heeft op studiefinanciering. Als dat zo is, hebt u vanaf 1 oktober 2007 geen recht meer op aftrek van kosten voor levensonderhoud.
De volgende uitgaven kunt u niet aanmerken als uitgaven voor levensonderhoud van kinderen:
– uitgaven voor ziekte, invaliditeit en bevalling. Deze uitgaven kunnen onder de buitengewone uitgaven vallen;
– uitgaven voor luxe zaken, zoals een auto, huis, huwelijksuitzet of bijdrage op de spaarrekening;
– uitgaven voor weekendbezoek van ernstig gehandicapte kinderen van 27 jaar of ouder die doorgaans in een AWBZ-instelling verblijven. Deze uitgaven kunnen onder uitgaven voor weekendbezoek van ernstig gehandicapten vallen.
Eigen inkomen of vermogen kind
Het kan zijn dat uw kind eigen inkomen of vermogen heeft dat voldoende is om in zijn eigen levensonderhoud te voorzien. In dat geval hebt u geen recht op de aftrek van kosten voor levensonderhoud. Als het inkomen of vermogen van uw kind onvoldoende is om in zijn eigen levensonderhoud te voorzien, hebt u misschien recht op deze aftrekpost. Dat is het geval als uw noodzakelijke eigen bijdrage per kwartaal minimaal E 393 bedraagt en u voldoet aan de overige voorwaarden.
Geen kinderbijslag door bijzondere omstandigheden
Het kan zijn dat u wel recht hebt op kinderbijslag, maar dat deze niet aan u wordt uitbetaald. In die situatie kunt u toch in aanmerking komen voor aftrek, als u aan een van de volgende voorwaarden voldoet:
– U en uw echtgenoot hebben een bewijs van vrijstelling omdat u en uw echtgenoot gemoedsbezwaarde zijn.
– U kunt uw recht op kinderbijslag niet benutten. Dat kan bijvoorbeeld het geval zijn bij scheiding. Er gelden dan regels om te voorkomen dat er dubbele kinderbijslag wordt uitgekeerd. Voorwaarde is dat u geen gezamenlijke huishouding voert met de persoon die het recht op kinderbijslag wel kon benutten.
– U bent co-ouder en u hebt uw recht op kinderbijslag niet benut. Het maakt daarbij niet uit of u (een deel van) de kinderbijslag krijgt waarop de andere co-ouder recht heeft. Voorwaarde is dat u geen gezamenlijke huishouding voert met de andere co-ouder.
In de Tabel kwartaalbedrag levensonderhoud kinderen op de website www.belastingdienst.nl vindt u
het vaste bedrag dat u per kwartaal per kind mag aftrekken. U vindt daar tevens de rekenhulp.
Bron: www.belastingdienst.nl |