Aangifte-Expert.nl, onderdeel van Berkman & Berkman
Aangifte-Expert.nl, onderdeel van administratiekantoor Berkman & Berkman
HomeParticulierenBedrijvenWerkwijzeTarievenTipsDownloadsContactLinks
 

Voorlopige teruggaaf 2010 - Uitgaven voor inkomensvoorzieningen

Als u bedragen hebt betaald voor inkomensvoorzieningen, heeft dit gevolgen voor uw belasting. In de toelichting bij uw aangifte inkomstenbelasting staat algemene informatie hierover. In deze aanvullende toelichting leest u meer over een aantal bijzondere situaties.

Let op!
Gebruikt u deze toelichting om een F-biljet in te vullen? Dan bedoelen we met ‘u’, ‘uw’ of ‘uzelf’ de persoon die is overleden.

Ondernemers
Zet u uw stakingswinst of uw oudedagsreserve om in een lijfrente of lijfrentespaarrekening? Dan moet u de premie of de storting vóór 1 juli 2011 betalen om deze in 2010 te mogen aftrekken. De premies of stortingen van 2011 die u aftrekt in 2010, mag u niet nog een keer aftrekken.

Meer verzekeringen op één polis
U kunt op een polis voor lijfrente ook nog een andere verzekering hebben afgesloten. Bijvoorbeeld een particuliere arbeidsongeschiktheidsverzekering of een kapitaalverzekering. Informeer dan bij uw verzekeraar welk deel van de premie voor de lijfrente is. Alleen dat deel kunt u aftrekken als lijfrentepremie. Het premiedeel voor arbeidsongeschiktheid kunt u aftrekken bij de vraag Premies voor periodieke uitkeringen bij invaliditeit, ziekte of ongeval. Het premiedeel voor een kapitaalverzekering kunt u nooit aftrekken.

Uitgaven voor inkomensvoorzieningen niet of gedeeltelijk niet afgetrokken?
Hebt u in het verleden niet alle betaalde premies afgetrokken? Of hebt u de betaalde premies gedeeltelijk niet afgetrokken? Dan kunt u daarmee rekening houden bij uw lijfrente in de uitkeringsfase (dit noemen we de saldomethode) of bij de hele of gedeeltelijke afkoop van de lijfrente (onbelaste uitkering).

Saldomethode
Kunt u de in 2010 betaalde premies niet of gedeeltelijk niet aftrekken? Dan wordt bij het berekenen van de belasting die u moet betalen in de saldomethode rekening gehouden met maximaal € 2.269 aan niet-afgetrokken premies in 2010. U betaalt in deze situatie alleen belasting over de uitkeringen als deze in totaal hoger zijn dan het bedrag van de niet-afgetrokken premies.

Het maximale bedrag van € 2.269 geldt voor alle lijfrenteverzekeringen en lijfrentespaarrekeningen samen! Als uw lijfrenteverzekering is afgesloten vóór 14 september 1999 en de premie is daarna niet verhoogd, tenzij dat is gebeurd op grond van een optieclausule, dan geldt het maximale bedrag per verzekering.

Let op!
Om uw verzekeraar of bank bij de inhouding van loonheffing rekening te laten houden met de saldomethode heeft u meestal een verklaring voor uw verzekeraar of bank nodig. Deze ‘verklaring niet-afgetrokken premies’, waarin is vermeld welk bedrag voor toepassing van de saldomethode in aanmerking komt, kunt u bij ons aanvragen vóór u de eerste uitkeringen gaat ontvangen.

Voorbeeld
U betaalt over 2010 tot en met 2013 ieder jaar een lijfrentepremie van € 7.000. U hebt ruimte om € 4.000 per jaar af te trekken. Vanaf 2014 ontvangt u ieder kwartaal een uitkering van € 2.000. U hebt dus over de voorgaande vier jaar een bedrag van 4 x € 3.000 = € 12.000 niet kunnen aftrekken. Maar er kan slechts rekening worden gehouden met 4 x € 2.269 = € 9.076. Uw verzekeraar heeft van u een verklaring saldomethode voor deze € 9.076 ontvangen.

In 2014 ontvangt u een uitkering van 4 x € 2.000 = € 8.000. Uw verzekeraar houdt in 2014 hierover dus geen loonheffing in. U hoeft de uitkeringen ook niet op te geven in uw aangifte over 2014. In 2015 houdt uw verzekeraar rekening met het resterende deel. Over het bedrag van het eerste kwartaal wordt loonheffing ingehouden over € 2.000 - € 1.076 = € 924. Over alle andere termijnen wordt vervolgens volledig loonheffing ingehouden.

Deze voorbeelden gelden ook voor uw stortingen op een lijfrentespaarrekening.

Onbelaste uitkering bij gehele of gedeeltelijke afkoop van de lijfrente
Kunt u de in 2010 betaalde premies niet of gedeeltelijk niet aftrekken? Bij afkoop of gedeeltelijke afkoop van de lijfrente kan tot maximaal € 2.269 aan in 2010 niet-afgetrokken premies onbelast uitgekeerd worden. De afkoopsom is onbelast tot het bedrag van de nietafgetrokken premies.

Het maximale bedrag van € 2.269 geldt voor alle lijfrenteverzekeringen en lijfrentespaarrekeningen samen! Als uw lijfrenteverzekering is afgesloten vóór 14 september 1999 en de premie is daarna niet verhoogd, tenzij dat is gebeurd op grond van een optieclausule, dan geldt het maximale bedrag per verzekering.

Let op!
Om uw verzekeraar of bank bij de inhouding van loonheffing rekening te laten houden met de onbelaste uitkering bij gehele of gedeeltelijke afkoop heeft u meestal een verklaring voor uw verzekeraar of bank nodig. Deze ‘verklaring niet-afgetrokken premies’, waarin is vermeld welk bedrag onbelast mag worden uitgekeerd, kunt u bij ons aanvragen.

Jaarruimte en reserveringsruimte
Uw jaarruimte 2010 en uw reserveringsruimte 2010 bepalen de hoogte van uw totale aftrekruimte 2010. Deze aftrekruimte geldt voor uw lijfrentepremies en stortingen op een lijfrentespaarrekening samen.

Let op!
Als u premies betaalt of stortingen doet die u niet mag aftrekken, dan zijn de toekomstige uitkeringen toch geheel of gedeeltelijk belast als inkomen uit werk en woning. Zie Uitgaven voor inkomensvoorzieningen niet of gedeeltelijk niet afgetrokken?

Jaarruimte 2010
Hebt u over 2009 een tekort in uw pensioenopbouw? Dan hebt u meestal jaarruimte. Gebruik de Rekenhulp jaarruimte 2010 om uw jaarruimte te bepalen. U kunt tot het bedrag van de jaarruimte lijfrentepremies of stortingen op een lijfrentespaarrekening aftrekken als uitgaven voor inkomensvoorzieningen.

Reserveringsruimte 2010
De reserveringsruimte voor 2010 is het totaal van de jaarruimten 2003 tot en met 2009 die u niet hebt gebruikt. Hebt u in deze periode in één of meer jaren wel jaarruimte, maar hebt u in die jaren minder lijfrentepremies dan de jaarruimte betaald en afgetrokken? Of hebt u in 2009 minder stortingen op een lijfrentespaarrekening dan de jaarruimte gedaan en afgetrokken? Dan kunt u alsnog in 2010 tot een bepaald bedrag premies en stortingen aftrekken. Gebruik de  Rekenhulp niet-benutte jaarruimte om uw reserveringsruimte te berekenen.

Rekenhulpen aftrekbedrag
U kunt het aftrekbedrag ook berekenen met de Rekenhulp Lijfrentepremie of het Aangifteprogramma 2010. U vindt deze opwww.belastingdienst.nl.

Gebruik de Rekenhulp jaarruimte 2010 om uw jaarruimte te bepalen.
De Rekenhulpen niet-benutte jaarruimte gebruikt u om uw reserveringsruimte over 2003 tot en met 2009 te berekenen. Deze rekenhulpen vindt u aan het einde van deze toelichting.

Meer verzekeringen op één polis
U kunt op een polis voor lijfrente ook nog een andere verzekering hebben afgesloten. Bijvoorbeeld een particuliere arbeidsongeschiktheidsverzekering of een kapitaalverzekering. Informeer dan bij uw verzekeraar welk deel van de premie voor de lijfrente is. Alleen dat deel kunt u aftrekken als lijfrentepremie. Het premiedeel voor arbeidsongeschiktheid kunt u aftrekken bij de vraag Premies voor periodieke uitkering bij invaliditeit, ziekte of ongeval. Het premiedeel voor een kapitaalverzekering kunt u nooit aftrekken.

Rekenhulp jaarruimte 2010
U kunt premies en stortingen toerekenen aan uw jaarruimte en uw reserveringsruimte. Gebruik eerst uw reserveringsruimte en begin met het oudste jaar. Gebruik daarna uw jaarruimte. Zo voorkomt u dat eventueel niet-benutte jaarruimte over de jaren vóór 2010 verloren gaat.

Let op!
Stuur uw berekening niet mee met uw aangifte. Bewaar deze berekening wel, want wij kunnen erom vragen. Wij kunnen u ook vragen naar uw verzekeringspolis, de voorwaarden van uw lijfrentespaarrekening en uw betalingsbewijzen.

Rekenhulpen niet-benutte jaarruimte
Met de rekenhulpen voor de niet-benutte jaarruimte kunt u voor de jaren 2003 tot en met 2009 berekenen of u niet-benutte jaarruimte hebt. Is de niet-benutte jaarruimte van een jaar groter dan 0 euro? Vermeld dan dit bedrag in de Rekenhulp reserveringsruimte hierna. Als u deze bedragen optelt, vindt u de opgebouwde reserveringsruimte over de afgelopen zeven jaar.

Let op!
– De niet-benutte jaarruimte over 2003 kunt u uiterlijk in de reserveringsruimte van 2010 gebruiken.
– Hebt u na een jaar vrijwillig pensioen ingekocht? Dan kunt u voor de pensioenaangroei in dat jaar niet uitgaan van de pensioenopgaaf van uw pensioenverzekeraar. Informeer dan bij uw pensioenverzekeraar naar de hoogte van uw pensioenaangroei over het betreffende jaar.

Rekenhulp niet-benutte jaarruimte 2003
Voor de berekening van de niet-benutte jaarruimte 2003 mag u kiezen of u uitgaat van uw inkomensgegevens over 2002 of over 2003.

Gaat u uit van uw inkomensgegevens over 2002? Dan moet u in deze rekenhulp de bedragen invullen uit uw aangifte over 2002. Vul ook de gegevens over 2002 in voor de toename of de afname van de oudedagsreserve en de pensioenpremies voor een werknemersverzekering die u vrijwillig hebt betaald. De AOW-franchise (€ 10.571) en het maximumbedrag van de premiegrondslag (€ 141.815) veranderen niet.

Gaat u uit van uw inkomensgegevens over 2003? Dan moet u alle bedragen invullen die in uw aangifte over 2003 staan. Voor de toename of de afname van de oudedagsreserve en voor de pensioenpremies voor een werknemersverzekering die u vrijwillig hebt betaald, neemt u de gegevens over 2003.

Let op!
Voor de pensioenaangroei moet u altijd uitgaan van 2002.

Maximum aftrek reserveringsruimte
De opgebouwde reserveringsruimte is in 2010 aftrekbaar tot maximaal 17% van uw premiegrondslag in 2010. Bovendien geldt een maximumbedrag afhankelijk van uw leeftijd:
– Was u op 31 december 2009 jonger dan 55 jaar? Dan mag u maximaal 17% van de premiegrondslag in 2010 aftrekken (het bedrag E uit de Rekenhulp jaarruimte 2010). Het aftrekbedrag mag niet hoger zijn dan € 6.831.
– Was u op 31 december 2009 55 jaar of ouder? Dan mag u maximaal 17% van de premiegrondslag in 2010 aftrekken (het bedrag E uit de Rekenhulp jaarruimte 2010). Het aftrekbedrag mag dan niet hoger zijn dan € 13.490.

Omzetting oudedagsreserve in lijfrente
Hebt u als ondernemer een oudedagsreserve opgebouwd? Hebt u deze vóór 1 juli 2011 geheel of gedeeltelijk omgezet in een lijfrente? Dan kunt u de premie in 2010 aftrekken. U kunt ook uw oudedagsreserve omzetten in een lijfrentespaarrekening. Het bedrag dat u hierop stort, mag u in 2010 aftrekken. U moet dan wel aan de volgende voorwaarden voldoen:
– U moet de premie hebben betaald of de storting hebben gedaan in 2010 of voor 1 juli 2011 .
– Deze premie of storting is in 2010 aftrekbaar als het bedrag van de omgezette oudedagsreserve in 2010 in uw winst uit onderneming is verwerkt.

Let op!
Draagt u uw onderneming over aan uw opvolger? Dan kunt u bij uw opvolger geen lijfrentespaarrekening afsluiten. U mag wel een lijfrenteverzekering afsluiten bij uw opvolger.

Omzetting stakingswinst in lijfrente
Hebt u uw onderneming in 2010 (gedeeltelijk) gestaakt? En hebt u vóór 1 juli 2011 de stakingswinst omgezet in een lijfrente die aan de fiscale voorwaarden voldoet? Dan kunt u de daarvoor betaalde premie in 2010 tot een bepaald bedrag aftrekken, zie Aftrekbedrag. U kunt ook uw stakingswinst omzetten in een lijfrentespaarrekening. Ook het bedrag dat u hierop stort, mag u aftrekken. U moet dan wel de premie hebben betaald of de storting hebben gedaan in 2010 of voor 1 juli 2011 . De hoogte van het aftrekbedrag hangt af van de situatie op het moment van de staking. Zie Aftrekbedrag

Let op!
Draagt u uw onderneming over aan uw opvolger? Dan kunt u bij uw opvolger geen lijfrentespaarrekening afsluiten. U mag wel een lijfrenteverzekering afsluiten bij uw opvolger.

Aftrekbedrag
Het aftrekbedrag is het bedrag van de stakingswinst dat u hebt gebruikt voor de aankoop van een lijfrente of lijfrentespaarrekening. Maar dit is maximaal:
– € 433.053 als u bij het staken van de onderneming 60 jaar of ouder was
Dit maximum geldt ook als u dan minimaal 45% arbeidsongeschikt was en de uitkeringen van de lijfrente ingingen binnen 6 maanden na het staken van de onderneming.
– € 216.533 als u bij het staken van de onderneming 50 jaar of ouder was
Dit maximum geldt ook als de uitkeringen van de lijfrente direct na het sluiten van de overeenkomst ingingen.
– € 108.272 in de overige gevallen

Van het hiervoor genoemde (maximum)bedrag moet u het volgende aftrekken:
– de waarde van bedrijfs- en beroepspensioenaanspraken die ten laste van de winst zijn opgebouwd
– rechten op bedrijfsbeëindigingvergoedingen en dergelijke
– de stand van de oudedagsreserve aan het begin van het kalenderjaar
– de lijfrentepremies die u in 2001 en volgende jaren hebt afgetrokken, met uitzondering van de basisaftrek lijfrentepremie (tot en met 2002)
– stortingen op uw lijfrentespaarrekening of beleggingsrekening
– de bedragen die al eerder zijn afgetrokken door het omzetten van stakingswinst in een lijfrente

Als het bedrag dat overblijft negatief is, mag u geen bedrag aftrekken. Hebt u uw onderneming in 2010 (gedeeltelijk) gestaakt? Dan mag u in de Rekenhulp jaarruimte 2010 kiezen of u uitgaat van de inkomens- en pensioengegevens over 2010 of over 2009. Kiest u voor de gegevens over 2010? Dan moet u bij de berekening van uw jaarruimte 2011 de stakingswinst 2010 aftrekken van het bedrag van de winst uit onderneming 2010.

Lijfrentepremies voor meerderjarig invalide (klein)kind
Hebt u premies betaald voor lijfrenten waarvan de uitkeringen toekomen aan uw meerderjarig invalide (klein)kind? Dan kunt u die volledig aftrekken als de uitkering aan de volgende voorwaarden voldoet:
– De uitkering is bestemd voor het levensonderhoud van het (klein)kind overeenkomstig zijn plaats in de samenleving.
– De uitkering eindigt uitsluitend bij het overlijden van het (klein)kind.

Premies voor periodieke uitkeringen bij invaliditeit, ziekte of ongeval
Hebt u premies betaald voor particuliere arbeidsongeschiktheidsverzekeringen die u recht geven op periodieke uitkeringen bij invaliditeit, ziekte of ongeval? Dan kunt u die volledig aftrekken. Bijvoorbeeld verzekeringen voor het opvullen van het WIA-gat (Wet werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen) of het Anw-gat (Algemene nabestaandenwet). Het gaat om periodieke uitkeringen waarover u inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen verschuldigd bent.
Het gaat niet om:
– premies waarmee uw werkgever rekening hield bij het inhouden van de loonheffing
– premies voor de verplichte verzekeringen Ziektewet en WIA
– premies voor verzekeringen die een bedrag ineens uitkeren, zoals kapitaalverzekeringen
– premies voor de Zorgverzekeringswet

Premies Algemene nabestaandenwet (Anw)
Premies om recht te blijven houden op een nabestaandenuitkering volgens de Anw, kunt u alleen in een bijzondere situatie aftrekken. Bent u geboren tussen 1 januari 1950 - 1 juli 1956 en is uw recht op een nabestaandenuitkering geheel of gedeeltelijk verloren gegaan door invoering van de Anw in 1996? Alleen dan mag u de premies aftrekken.

Bron: www.belastingdienst.nl 

 
Toelichtingen


Uitleg aangifte


Invultips


Archief
belastingaangifte


Archief
voorlopige teruggaaf


Overige informatie

Toelichtingen

Aangifte-Expert.nl

onderdeel van
Berkman & Berkman


Postbus 147
3700 AC Zeist

Constantijn Huygenslaan 12b
3705 SR Zeist

Tel. 030-2254550
Fax. 030-2890592
E-mail info@sterkincijfers.nl
 

 

Copyright 2006-2011 - Aangifte-Expert.nl | Laatst bijgewerkt op 10 februari 2011 | Sitemap | Privacy Statement | Disclaimer | Algemene voorwaarden


Administratie- en advieskantoor Berkman & Berkman (voorheen administratiekantoor Berkman & van der Steeg) is een bedrijfsadministratie kantoor in Zeist dat werkzaamheden verricht voor ondernemers o.a. de volgende werkzaamheden: bedrijfsadministratie (boekhouding), loonadministratie (salarisadministratie), (fiscaal) advies (advisering), belastingen (zoals aangifte omzetbelasting, ICL, vennootschapsbelasting, winstaangifte, maar ook correspondentie met de Belastingendienst, ofwel bezwaarprocedures. De ondernemers waar wij dit voor aanbieden, zijn niet alleen mkb-ondernemers, maar ook zzp-ers, eenmanszaken, v.o.f., b.v., c.v. en andere bedrijven. Ook voor particulieren verrichten wij werkzaamheden, zoals het verzorgen van de aangifte inkomstenlasting (belastingaangifte), het aanvragen en wijzigen van diverse toeslagen zoals, huurtoeslag, zorgtoeslag, kindertoeslag en kinderopvangtoeslag. Maar betalingsregelingen en bezwaarprocedures bij de Belastingdienst. Het aanvragen en wijzigen van de voorlopige teruggaaf behoort ook tot de mogelijkheden. Wij operen vanuit ons kantoor in Zeist, maar zijn ook actief in andere plaatsten, zoals Rotterdam, Utrecht, Amsterdam, Lelystad, Maarn, Maarsbergen, Doorn, Amersfoort, De Bilt, Bilthoven, Baarn, Soest, Soesterberg, Leusden, Leersum en andere plaatsen. BerkmanenBerkman.nl, Sterkincijfers.nl, Aangifte-Expert.nl, Administratiekantoor-Zeist.nl, Salarisadministratie-Expert.nl, Loonadministratie-uitbesteden.nl, Belastingaangifte-belasting-aangifte.nl, Administratiekantoor-administratiekantoren.nl, Loonadministratie-salarisadministratie.nl, Berksteeg.nl.